Jakop Ahlbom kwam begin jaren negentig naar Nederland, waar hij de Mime Opleiding in Amsterdam volgde. Bij zijn afstuderen in 1998 ontving hij de Top Naeffprijs voor meest veelbelovende student. Zijn choreografisch talent viel op, evenals de poëtische momenten die hij wist te creëren en de bravoure, energie en fysieke kracht die hij bij zijn spelers losmaakte. Inmiddels werkt hij al twee decennia aan een eigen en eigenzinnig oeuvre.

Inhoud
In het werk van Jakop Ahlbom staat de mens centraal die zich – vaak moeizaam – verhoudt tot zichzelf en zijn omgeving. Ahlbom laat zien hoe iemand zich handhaaft in een wereld die niet altijd is wat hij lijkt. Welke ruimte krijgen zijn geheime verlangens en hoe dringen deze zich op in een – gedroomde – werkelijkheid. Vaak kiest Ahlbom het perspectief van één centraal personage. Via dit ene perspectief maakt hij voelbaar hoe gedesoriënteerd zijn hoofdpersonen zijn. Ze overschrijden de grenzen van het dagelijkse en stappen, bewust of onbewust, in een wereld die zich onttrekt aan de conventies zoals wij die kennen. De hoofdpersoon (die soms vrouwelijk en soms mannelijk is) verdwaalt in magische werelden die groter zijn dan hemzelf, en die hem hardhandig terugwerpen op zijn eigen onvermogen. Ahlbom zoekt en onderzoekt zo de grenzen die er zijn aan ons normale bestaan. Wat gebeurt er als je die grens opzoekt, er overheen stapt? In welke wereld van onbeheerste verlangens kom je dan terecht? In welke surrealistische werkelijkheid verdwaal je dan? Zijn personages nemen geen genoegen met dat wat het dagelijkse leven ze biedt. Ze gaan op zoek naar het leven wat daarachter, daaronder verscholen ligt. Maar ze komen in een wereld terecht die ontregelend en beangstigend is, raken de grip kwijt op de dingen die ze zelf in werking zetten. De consequentie van hun handelen is vaak groter dan ze aankunnen.

Liefde is in het werk van Ahlbom een belangrijk thema. Hoe moeilijk zijn personages het ook hebben met het leven, ze zijn altijd op zoek naar liefde als enige houvast in hun worsteling. Dat verlangen geeft Ahlboms werk een grote poëtische, melancholische kracht. Het is troostend en hoopvol. In die zin heeft zijn werk, ondanks de vaak traumatische gebeurtenissen waarmee zijn personages zich geconfronteerd zien, een optimistische toon. Zijn personages gaan de confrontaties niet voor niks aan. Ze stuiten op een wereld die verbeeldingsvol is, adem biedt en ze een uitvlucht geeft uit de harde werkelijkheid. Dat komt omdat Ahlbom de tragiek altijd laat samengaan met humor. Niet voor niets is Buster Keaton een belangrijke inspiratiebron voor hem. De ontroerende naïviteit waarmee de mens, soms tegen beter weten in, de wereld met verwondering blijft ervaren en er de schoonheid en humor ervan blijft inzien, die geeft ruimte. De humor zit ook in de machteloosheid, de poging grip te krijgen en, ondanks mislukkingen, niet op te geven. Het leidt tot de fysieke slapstick die een kenmerk is van zijn werk. Juist die kracht van het pure zijn, in al zijn schoonheid en eenvoud, ontroert en doet zijn publiek glimlachen.

Vorm
De stijl die Ahlbom hanteert in zijn werk is niet onder één noemer te vangen. Het predicaat mime schiet ervoor te kort, ondanks de vele verschijningsvormen die het genre in Nederland kent. Zijn werk is beeldend en vertrekt vanuit het fysieke lichaam van de mimespeler, danser, acteur. Hij neemt het realisme en de psychologie van de mens als uitgangspunt, en voegt daaraan werelden toe die uit ons onderbewustzijn ontspruiten.

Ahlboms werk wordt bepaald door de logica van dromen; een wereld die onlogisch is en zich op de grens van het onbewuste beweegt. Hij maakt daarin gebruik van verschillende genres en stijlmiddelen zoals slapstick, illusionisme, acrobatiek, dans, film, absurdisme, muziek, beeldende kunst, poëzie, magie, en put veelvuldig uit de wereld van film. Vooral filmische montagetechnieken inspireren Jakop Ahlbom om zijn magisch-realistische werelden te creëren. Hij construeert met al deze stijlen en middelen een nieuwe theatertaal, schept een nieuwe theatrale werkelijkheid. Daarin speelt humor een zeer grote rol. Met humor ontregelt Ahlbom onze verwachtingen, vervreemdt hij ons van de gekende werkelijkheid en schept hij ruimte om te lachen om het menselijk tekort.

Beeld staat centraal in zijn werk, beelden die hij koppelt aan (psychologische) inhoud, opdat ze in een onontkoombare relatie tot elkaar komen te staan. Hij maakt gebruik van herhalingen, loops, terugkerende bewegingsfrases die steeds de werkelijkheid een fractie veranderen en hem langzaam maar zeker uit het lood slaan, ontregelen. Bijna ongemerkt begint hij de werkelijkheid te vervormen totdat we in de parallelle dimensies zijn die Ahlbom voor ogen heeft. Zijn uitgekiende montage van beelden en scènes is veelbepalend, opdat volgorde en constructie dwingend de inhoud bepalen. Via de droomlogica die hij hanteert ontstaat er een associatieve wereld. Juist die balans tussen associatie en logica kenmerkt Ahlboms werk. Hij creëert een eigen universum dat logisch en onnavolgbaar is. Zijn theatertaal kent geen equivalent in het Nederlandse theater. Dat maakt Ahlboms werk in al zijn verschijningsvormen uniek.